DSC_3662

Bijzetteugels bij longeren

Heb jij moeite om je paard voldoende voorwaarts-neerwaarts te laten stretchen naar het bit? Dan kunnen bijzetteugels je daarbij helpen. Ze worden nogal eens (onbedoeld) verkeerd gebruikt; het is geen hulpmiddel om een ‘krulletje’ of korte hals af te dwingen! Het is een hulpmiddel om een kader aan te brengen voor het paard.

Lengte

Let er goed op dat ze zo lang zijn dat het paard de hals dan ook kan strekken!

*Tip: Is je bijzetteugel te kort? Bevestig dan een sporenriempje of sperriempje aan de longeersingel. Bevestig daar je bijzetteugel aan.

 

IMG_1530

de correcte lengte van de bijzetteugels als je begint met longeren

IMG_1535

lange bijzetteugels nodigen het paard uit de hals voorwaarts-neerwaarts te stretchen

 

Kaptoom

Zelf vind ik het handig om met een kaptoom te longeren. De longeerlijn bevestig ik aan de ring in het midden (op de neus). Een aantal kaptomen heeft ook de mogelijkheid om een bit te bevestigen.

* Tip: heb je een kaptoom zonder bit? Je kunt dit ook zelf eenvoudig maken. Neem een hoofdstel, haal de teugels en de neusriem eraf. Bevestig de kaptoom als een neusriem. Je hebt dan een hoofdstel met de kaptoom als neusriem.

 

Pas als een paard voldoende hals kan strekken aan de longe in stap, draf en galop kun je de bijzetteugels iets hoger bevestigen aan de longeersingel, zodat het paard zijn hals omhoog brengt. Hiermee ‘kader’ je het paard meer. Het paard loopt, met dezelfde activiteit en de voorwaarts/neerwaartse tendens, in een meer gesloten frame. Let hierbij goed op dat de neus altijd op of voor de loodlijn blijft en niet inknikt in de derde halswervel (valse knik)!

 

DSC_3558-002

pas als het paard voldoende bevestigd is in het stretchen kun je de teugels hoger bevestigen aan de singel

Verwacht geen wonderen als je het stretchen naar het bit de eerste keer aan de longe gaat doen. Zorg voor een correcte optoming, zorg dat je de basisbeginselen van het longeren ook echt uitvoert (zie mijn eerdere blog over longeren) en heb vervolgens geduld. Denk niet na één of twee rondjes ‘hij zakt niet’. De meeste paarden moeten ook eerst opwarmen voordat ze echt willen stretchen. En laat je niet verleiden om de teugels te snel te kort te maken om een ‘krulletje’ te forceren. Heb rust in het longeren, maar verwar dit niet met sloom of traag.