paardvisie profielfoto

In het nieuws!

In november 2015 schreef journaliste Lia in ’t Veld een superleuk artikel voor de krant over mij.

knipsel lisses nieuwsblad 4 nov 2015

bad-canter-photo

Blog op Paardvisie.nl

Onlangs schreef ik een blog voor Paardvisie.nl over ‘op de voorhand – hoe zit dat?’ Het is de bedoeling dat ik regelmatig blijf bloggen, hier op mijn eigen website, maar ook voor Paardvisie.nl. Deze blogs publiceer ik hier natuurlijk ook via een linkje naar Paardvisie. 🙂

Art2Ride USA

Paardentrainer in Amerika

Onlangs was ik in Amerika. Ik heb daar een week meegelopen en paard gereden bij horsetrainer Will Faerber van Art2Ride. Will is voor mij een groot voorbeeld: hij traint de paarden die onder zijn hoede zijn op de traditionele klassieke manier. Paarden moeten bij hem eerst leren om goed de rug te gebruiken, voordat er verder gegaan wordt naar een bepaalde mate van verzameling. Een manier die ook mij voorstaat. Ik train Wilco ook op deze manier en ik geef ook les aan mensen op deze manier. Ik heb een topweek gehad en ik heb ook weer veel geleerd. Ik heb veel gezien, gevraagd, uitgelegd gekregen en ik heb ook zelf mogen rijden op een van de paarden. Ik heb van hem de bevestiging gekregen dat ik op de juiste manier rijd en over hoe een paard goed getraind hoort te worden.

Amerika versus Nederland

In Amerika is het hebben en trainen van een paard toch wezenlijk anders dan in Nederland. Waar wij in Nederland zelf ons eigen paard rijden, is het in Amerika heel normaal dat de horsetrainer het paard rijdt. De eigenaar woont vaak ver weg van de ranche en komt 1 keer per week het paard rijden. Of kijken hoe de trainer het paard rijdt. Maar er zijn ook eigenaren die dichterbij wonen en zij krijgen dagelijks (!) les.

Horsetrainer zoekt paard voor de eigenaar

Paarden worden daar vaak gekocht door de horsetrainer. De trainer heeft de contacten – al dan niet in het buitenland. Kiest het paard uit, stelt dit aan de eigenaar voor en die koopt het paard. Het paard wordt naar de trainer getransporteerd en die gaat ermee aan de slag. En dat gaat nog al eens gigantisch mis. Ik sprak iemand die zijn horsetrainer (en dat was niet Will Faerber) een paard op een veiling in Europa had laten kopen. De eigenaresse had filmpjes en foto’s op internet gezien en was helemaal weg van het paard. De trainer kocht het paard, de eigenaresse reisde af naar Europa om het paard op te halen. Eenmaal in Amerika begon de horsetrainer enthousiast aan het jonge, nog enigszins groene paard.

Onberijdbaar

De eigenaresse kwam na een maand kijken naar de vorderingen van haar gloednieuwe oogappel. De teleurstelling was dan ook groot toen bleek dat het paard ‘onberijdbaar’  bleek. Hij liep inmiddels met zijn tong aan 1 kant uit zijn mond, knikte in de derde halswervel, ging op elke zit- of beenhulp langzamer lopen en beet zichzelf steeds vaker van nijd in de borst…. Het advies van deze trainer was ‘dit paard kun je niet goed rijden, je kunt hem beter verkopen’. De eigenaresse was natuurlijk ten einde raad; daar had ze dit (volgens mij vrij prijzige) paard niet voor gekocht. Uiteindelijk kwam ze bij Will Faerber terecht, die het paard nu de broodnodige basistraining geeft. En een paard corrigeren is natuurlijk altijd moeilijker dan een paard opleiden die deze geschiedenis nog niet heeft doorgemaakt. Maar door gedegen te trainen, geduld te hebben en een langere termijnvisie te houden gaat het lukken. Het paard ontwikkelt zich langzaam, maar goed. De tong blijft inmiddels binnen, het bijten naar de borst is weg, de reactie op been- en zithulp gaat steeds beter. En het valse krulletje is bij tijd en wijle helemaal weg. Maar dat heeft nog steeds tijd nodig…

Versie 2

Geschikt voor ieder paard

Het mooie van deze klassieke methode is dat het voor ieder paard geschikt is: jong of oud en ongeacht het ras of de discipline waarin je rijdt. Ik heb het met eigen ogen mogen zien en beleven daar in Amerika bij Art2Ride. Ze hebben daar bijvoorbeeld ook een paard in training van 22 jaar met een holle rug. Die heeft nooit geleerd ‘over de rug te lopen’ en leert nu pas hoe hij zijn rug kan/moet gebruiken. Daar waar een andere ruiter zijn paard al heeft afgeschreven, geeft Will deze paarden nog een gedegen basis, waardoor ze nog jarenlang mee kunnen. En, het belangrijkste, de paarden doen nog met plezier hun werk.

Ik voel mij een bevoorrecht mens, dat ik het team van Art2Ride en Will Faerber heb mogen ontmoeten en hen aan het werk te mogen zien. Ik ga zeker nog een keer terug!

ontspannen naar het bit

Paard toch niet zo braaf..

Je kent vast wel iemand die het heeft meegemaakt. Of misschien heb je het zelf al eens ervaren.

Iemand wil een nieuw paard kopen en vindt het paard van zijn dromen. Tegen een toch-net-wat-te-hoge-prijs. Maar ja: hij was zo leuk, zo braaf, zo fijn. Gekocht via of bij een ervaren ruiter; zo eentje die al meerdere paarden naar een bepaald niveau gereden heeft. Het paard is mooi, jong, lief, soepel en gehoorzaam. ‘Kuikenbraaf en zo opstappen en wegrijden’  zei de advertentie nog.

De eigenaar-in-spe gaat twee of drie keer rijden op het paard en ja hoor; hij is het toch echt. Het paard wordt klinisch en ook röntgenologisch gekeurd bij de dierenarts, de koopsom wordt betaald en het paard gaat mee met de dolgelukkige eigenaar.

Hoera een kuikenbraaf paard!

Eenmaal thuis kijkt het paard zijn ogen uit. Een nieuwe stal, nieuwe soortgenoten, andere rijhal, stapmolen, rijhal, buitenbak en longeerkraal. Na verloop van een week oogt het paard redelijk ‘thuis’  en de nieuwe eigenaar stapt, na een paar rondjes longeren (meestal uitbokken en rondrennen) op het paard om te rijden. Het gaat goed; iedereen aan de kant staat de nieuwe aanwinst te bewonderen.

Maar na verloop van een paar weken (en een paar keer rijden) blijkt het paard toch iets minder ‘kuikenbraaf’ of ‘opstappen en wegrijden’ te zijn. Het paard schrikt bij iedere beweging die aan de kant wordt gedaan. Elk paard dat voorbij komt is ineens ‘eng’. Van een rustige ontspannen ritje is al geen enkele sprake meer. Omstanders weten dan ook nog te melden dat de nieuwe eigenaar ‘ eigenlijk toch niet goed genoeg kan rijden’ om met dit kwaliteitspaard rond te kunnen sturen.

Kwaliteit

Tja.. het is maar wat je kwaliteit noemt….

Want wat gebeurt er meestal? Het paard, vers uit de opfok, komt bij een ervaren africhter/trainer/wedstrijdruiter/handelsstal/etc. Longeren is niet ‘rijden vanaf de grond’, maar meer het paard moe maken, zodat hij minder energie heeft als ze erop gaan rijden. Stappen wordt al helemaal overgeslagen, want daar is geen tijd voor. Het doel van het longeren is dus flink wat rondjes rennen, zodat hij ‘braaf’ bereden kan worden.

Slofteugel

Vervolgens wordt het paard zadelmak gemaakt op een methode dat veelal meer weg heeft van een ‘overval’  dan van een rustige gewenning. Als het paard zich laat overdonderen en braaf blijft, dan is het moment daar dat er gereden kan worden. En dan moet het vooral voorwaarts, hoofd omhoog en aan de teugel. Bij de wat hoger in het bloed staande paarden (die we tegenwoordig allemaal zo graag willen, want ze lopen zo fantastisch op 3 jarige leeftijd) gebruiken ze een slofteugel, zodat deze als noodrem gebruikt kan worden. Want ja; er is een groot risico dat het paard gaat rennen (toch lastig een vluchtdier), bokken (= verzet) of steigeren (= ook verzet). Of zelfs in uiterste gevallen zich laat vallen (de ultieme overgave van een paard als vluchtdier). Dat paard wordt een paar weken op die manier gereden. Herstel: het paard wordt een paar maanden zo gereden, want er is nog steeds een crisis en de paardenhandel loopt minder snel. In het gareel. Geen discussie.

En dan komt hij bij zijn nieuwe eigenaar. Die niet met een slofteugel rijdt (waarom zou hij?). En niet eerst het paard moe longeert. Die wil alleen maar een ontspannen rustig ritje op een braaf paard. Gewoon lekker rijden. En dat paard? Die snapt er helemaal niks meer van; geen gareel, geen strakke teugel of slofteugel, geen tik of trap voorwaarts. Het paard wordt onzeker. En wat doet een vluchtdier dat onzeker is? Juist.. die vlucht. Dat is dat paard niet kwalijk te nemen: dat paard heeft een verkeerde start gehad. De basis, het begin is hem verkeerd geleerd. Allemaal omdat er haast bij is.

Verkeerd?

Was de keuze voor dit paard dan een verkeerde keuze? Nee; ik denk van niet. De nieuwe eigenaar is toch verliefd geworden op dit dier. Maar ik denk wel dat de keuze om bij deze zogenaamde africhter een paard te kopen wel een verkeerde keuze is. Zo’n paard mist de broodnodige basis: het vertrouwen in de ruiter/trainer en de ontspanning. En zie dat maar eens te herstellen. Je begint dan al op een 1-0 achterstand…

Triest

Het is toch te triest voor woorden dat wij op deze manier met onze paarden omgaan? Waarom niet rustig de tijd genomen om een jong paard te laten wennen? Zo jong en al zo getraumatiseerd. Waarom niet: longeren = rijden vanaf de grond? Waarom niet eerst een paard ontspannen naar het bit te laten lopen in de stretch? Eens rustig een zadeltje opdoen? Kijken of hij ontspannen naar de stretch blijft gaan met zadel op zijn rug? En dan eens iemand (met een licht gewicht) op dat zadel. Gewoon of het een ponyritje is.. Dan rustig uitbreiden. En zo’n slofteugel? Het zou verboden moeten worden.

Vertrouwen

Leer hem dat het stretchen niet betekent dat hij in een krul getrokken wordt. Dat de hand aan dat bit en die teugel hem geen pijn doet. Maar rustig meeveert en meebeweegt met zijn hals en hoofd. En dan maak je eens een rondje aan de longe met een ruiter die meezit en niks aan de voorkant doet. Werk aan het vertrouwen. Gewoon rustig basiswerk. Stretchen, ontspanning. En niet dagelijks erop. Die spieren, botten en pezen moeten allemaal nog ontwikkelen. Neem de tijd.

Maar die tijd is er niet. Er moet snel en veel geld verdiend worden. Ten koste van onze paarden. De gemiddelde leeftijd van onze paarden in Nederland is 7 jaar (!!). De gemiddelde leeftijd van een paard zou rond 30 moeten liggen…. Het begint allemaal bij de basis: de training van het paard als rijdier.

Ik denk echt dat het anders kan en anders moet.

 

 

kuddedieren

Sociaal contact

Paarden zijn kuddedieren. Dat betekent dat je ze niet als eenling kunt huisvesten, maar met een soortgenoot. Paarden gedijen nou eenmaal beter met soortgenoten. Een geit is dus geen alternatief als huis-/stalgenoot voor een paard. Dus dat betekent op z’n minst twee paarden in je achtertuin. Of je moet ergens onderdak vinden voor je paard waar nog meer paarden staan. Maar dan nog zie je toch dat paarden van elkaar gescheiden worden. In de stal, in de paddock of in de wei. Natuurlijk, de angst voor blessures is groot. Want niemand wil een geblesseerd paard en al zeker niet als dat komt van een ander paard. Toch pleit ik voor een beter sociaal contact tussen paarden onderling.

Soortgenoten

Uit allerlei onderzoeken blijkt dat het van essentieel belang is voor een paard dat hij contact heeft met soortgenoten. En dat is dus meer dan van een afstandje vanuit zijn stal kijken naar zijn buurman. Dat betekent snuffelen aan elkaar, krauwen op elkaars schoft en spelen met elkaar. Dat gaat er soms wat hard aan toe. Wij mensen denken dan snel dat er ruzie is tussen paarden. Maar vaak is het een wat hardhandigere manier van spelen onderling. Paarden die gewend zijn om in kuddes te leven, lopen echter minder blessures van elkaar op. Paarden communiceren onderling door lichaamstaal. Een oor naar achteren, een hoofd en hals een bepaalde richting op, een achterbeen omhoog; het zijn allemaal signalen die paarden onderling prima van elkaar begrijpen. Mits ze wel gewend zijn om samen te zijn met andere paarden.

DSC_3757

Dagelijks 

De meeste paarden krijgen het in de opfok nog wel mee; kuddegedrag en rangorde in de groep. Maar eenmaal geschikt gemaakt als rijpaard komen ze vaak in een prachtige stal, met prima stro, hooi, krachtvoer en vers water. De mooiste spulletjes worden gekocht en er wordt dagelijks uitgebreid gepoetst en gereden. Maar dagelijks contact met soortgenoten is er vaak niet meer bij. Niet lijfelijk. Paarden die na jaren ‘ op stal’  zijn gehouden en voor het eerst weer in een kudde komen is dit een hele grote schok. Ze snappen bepaalde signalen van de soortgenoten niet of weten niet hoe ze ermee om moeten gaan. Gelukkig gaat dit vrij snel als ze in een dagelijks ritme met een vaste kudde komen.

En wat je dan meemaakt!! Je paard is

  • vrolijk,
  • rustig,
  • reageert op kleine signalen van andere paarden, maar ook op signalen van jou,
  • doet zijn werk met meer plezier,
  • staat meer open voor nieuwe dingen,
  • leert makkelijker.

Hij is gewoon fijn ‘ tussen de oren’. En dat is wat ik ieder paard gun!

 

 

 

DSC_3757

Mijn missie

De laatste jaren is er veel te doen rondom het welzijn van paarden en trainingsmethodes in de paardensport. De gemiddelde leeftijd van een paard is 30 jaar. In Nederland wordt het gemiddelde sportpaard slechts 7 jaar. Het (sport)paard wordt steeds meer ingezet als middel om persoonlijke overwinningen en trofeeën te behalen. Hij wordt steeds minder gezien als de vriend, het dier waar wij dagelijks ontspanning en plezier mee beleven.

Ik ben er van overtuigd dat veel van het huidige paardenleed voortkomt uit de manier waarop wij onze paarden huisvesten, voeren en trainen. Ik ben er van overtuigd dat een groot gedeelte van het dierenleed voorkomen kan worden door simpelweg anders om te gaan met onze edele viervoeters.

Ik geloof erin dat je veel blessures kunt voorkomen door doordacht te trainen met je paard. Zodat zowel hij als jij er plezier aan beleeft, jullie beiden gezond blijven en dat er wederzijds respect is.

Ik geloof echt in de Klassieke methode van trainen. Of je recreatief rijdt, springt of dressuurwedstrijden rijdt. Het kán echt anders: paardvriendelijker, meer ontspannen en minder stress. Een paard is geen machine of wegwerpartikel. Laten we er zuinig op zijn.

YH

DSC_3758

Je paard vertelt je iets

Het hoofd wegdraaien als je de stal in komt. Weglopen als je hem uit de wei gaat halen. Oren naar achteren als je met het zadel aankomt. Happen naar zijn borst al je de singel vastmaakt. Niet stilstaan als je wil opstijgen. Met een achterbeen naar jouw been slaan als je aandrijft. Bokken bij het aangalopperen. Steigeren. Staken. Om de haverklap er vandoor gaan. Allemaal voorbeelden van zogenaamd ‘ongewenst gedrag’ bij paarden. We vinden het vervelend, naar en soms ook gevaarlijk. Vaak hoor je dan ‘het paard is ‘stout’, ‘eigenwijs’, ‘spoort niet’, ‘is vals’, ‘eigenwijs’, ‘zo is zijn karakter’, ‘hij neemt je in de maling’, enzovoorts enzovoorts.

SONY DSC                               steigeren

Maar klopt dat eigenlijk wel? Is het nu echt zo dat paarden dit allemaal bewust doen om ons, ruiters/verzorgers, het leven zuur te maken? Ik denk van niet. Ik weet eigenlijk wel zeker dat het niet zo is.

Leider

Sommige mensen zeggen dat je juist ‘door moet drukken’ en dat je goed moet laten weten dat jij de baas bent. Of dat je het gedrag moet negeren ‘hij doet dat nou eenmaal altijd’. Natuurlijk; leiderschap is belangrijk. Dat is in de kudde en dat is ook in de omgang met mensen. Een paard dat geen leiding krijgt, zal zelf zijn grenzen gaan opzoeken. Maar als jij duidelijk, consequent en rustig bent en blijft, weet wat je doet en wanneer, dan weten de meeste paarden vrij snel wie de leider is en een strijd om rangorde is er dan niet meer. Net zoals het ook in een kudde gaat. Negeren van dit gedrag is gewoonweg geen optie! Waarom?

Er is ‘iets’

Eén van de kenmerken van een vluchtdier is dat zij niet zo snel laten merken dat zij kwetsbaar zijn. In de natuur is de zwakkere namelijk per definitie gedoemd te sterven. Dus een paard zal dus niet zo snel laten merken dat er ‘iets’ is. Dus als jij tegen dit ongewenste gedrag aanloopt, dan heb je waarschijnlijk al een aantal subtiele signalen van je paard gemist. Je paard vertelt je iets. Sterker nog; hij schreeuwt het werkelijk naar je. Maar ben je ook bereid te luisteren?

Dus als jij iets van dit ‘ongewenst gedrag’ herkent bij jouw paard; bedenk dan dat je paard jou iets vertelt. Hij kan het niet, hij snapt het niet of hij heeft pijn. Nog sterkere hulpen geven, de zweep als strafmiddel gebruiken of ‘rijd hem er maar doorheen’ gaat je nog meer ellende brengen. En dat is niet wat je wil. Niet voor jezelf en niet voor je paard.

Uitzoeken

Het is dus van belang dat je uitzoekt wat er aan de hand is. Wat dat betreft is een paard ook een puzzeltje. Wat kun je zelf doen?

  • Check je zadel, het hoofdstel, het bit.
  • Laat de paardentandarts één keer per jaar je paard zijn gebit nakijken.
  • Doe ook een jaarlijkse check door een dierenarts, een goede chiropractor of osteopaat (graag wel gediplomeerde dierenartsen!).
  • En neem een goede instructeur; en dan bedoel ik niet iemand die je zegt ‘dat je er maar doorheen moet rijden’. Iemand die jou kan helpen, want ook rijtechnisch kunnen er dingen niet helemaal in orde zijn.

Eén ding weet ik echt zeker: een paard neemt je nooit in de maling! Een paard heeft helemaal het vermogen niet om iemand ‘in de maling te nemen’. Als een paard echt zo slim zou zijn, dan hadden we nooit op een paardenrug kunnen zitten. Geen enkel paard is zo slim. Maar gelukkig zijn ze wel in staat om hun ongemak te laten blijken. Het is aan ons om ook echt te luisteren….